De adem stokt in mijn keel
Het beeld voor mijn ogen ken ik
Want het is één geheel
Met de rest van in 't verroeste blik
Opgeslagen beelden en geluiden.
Dit moment heb ik al gezien, eens, nooit.
En wat dat ook mag beduiden
Ik weet dat het bestaan heeft, ergens en ooit.
Die ene seconde waarop alles gaat zoals in de droom
Die ik ooit heb gedroomd maar weer vergeten ben.
In die ene seconde verschuift de realiteit en zonder schroom
Beland ik in een wereld waar ik iedereen herken.
Volgens de wetenschap is het geen terugkomende herinnering
Maar een simpele foutieve verbinding in de hersenpan
Waarbij het beeld verkeerd wordt opgeslagen en zonder hindering
Terecht komt in het lange termijn geheugen en dat dan
De situatie ontstaat die we als déjà vu herkennen.
Maar is het ook niet zo dat die lui in witte jassen
Overal een antwoord op willen? En of ze het bekennen
Of niet: ze willen alles in hun wereldje doen passen.
Dus misschien hebben zij wel ongelijk
En is het toch een gedroomde droom.
Dat zou wel leuk zijn: dat ik in mijn dromen kijk
Naar een wereld die nog komen gaat: zonder schroom.
januari 2004 Carolien Marijke Magdeld van Jaaren
| Maak geen misbruik van dit gedicht. Do not misuse this poem. Meer informatie / more information gedichten@indronten.nl |
||
Links | ||