aan het koud regenpreev'len van de beek
bekent de avond stoornis van weleer
eik eik is het wat de bladeren ruiselen
lang
langzaam
humus bindend in de hand der herfst
het glazen maanlicht glinstert
schors en scherf
de fonkelpijn
dat is het wat de uil plots met al zijn kennis
van de hemelholte
uit uilt
uilt
in de holte
mijn oorholte
Rieks Folkeringa
| Maak geen misbruik van dit gedicht. Do not misuse this poem. Meer informatie / more information gedichten@indronten.nl |
||
Links | ||